Werkdoc Kim

Inhoudstafel:
1. Verwerking artikel
2. Powerpoint
3. Juridische context
4. Politieke context
5. Besproken organisatie
6. Literatuurlijst
7. Grafieken
8. Persoonlijk besluit

1. Artikel

Referentie:
Peter van Mullem – Tussen Verlangen en Projectie
Jeugdcultuur en identiteitsopbouw
Veer10Acht10, De Leefwereld van jongeren (p. 98-105). Leuven-Appeldoorn: Garant-uitgevers, 1999.

Context:
Het artikel komt uit een boek. Het boek bevat pagina’s en is onderverdeeld in verschillende artikels. Het geeft weer hoe jongeren aan hun identiteit komen en hoe belangrijk dat is. Er spelen heel wat factoren mee in het vinden van een eigen identiteit.

Auteur:
Het artikel werd geschreven door Peter van Mullem. In het artikel zelf wordt er niets vermeld over Peter van Mullem. En ook op Google vind je niets over de auteur. Achteraan het boek vind je informatie over alle auteurs die een artikel hebben geplaatst in het boek.
Peter Van Mullem is licentiaat in de godsdienstwetenschappen en leraar aan het Provinciaal Onderwijs te Oost-Vlaanderen. Als gedetacheerd leerkracht werkte hij 4 jaar als pedagogisch medewerker bij De Verbeelding, landelijke jeugddienst rond jongeren-, sub-, tegen- en popcultuur.

Structuur:
a. Wat zijn de tussentitels?
1. Betekenis van identiteit bij volwassenen en jongeren
2. Waarom willen wij zijn, wie wij denken te willen zijn…
3. ‘Cool’ zijn in S&SIE!
4. In het rijk van de ‘wannebe’s’ is de ‘ultratop 50’ de max!
5. Jongerencultuur ingepakt
6. De strijd aan de basis: ‘stijlguerilla’
7. Een identiteit voor de ‘global village’
8. ‘Here I am: consume me’

b. Kent het een duidelijke structuur, is die logisch?
Ja het is niet alleen onderverdeeld aan de hand van tussentitels maar er zijn ook veel alinea’s.

c. Worden de voetnoten onderaan, achteraan of in de tekst opgenomen? Is dit handig?
Er staan geen voetnoten in mijn tekst.

Essentiële begrippen, definities en moeilijke woorden:

Definities:
-Identiteit = Persoonsgelijkheid, eenheid van wezen
-Eigenheid = Eigen karakter
-Authenticiteit = Echtheid, origineel zijn
-Uniek = Eenmalig, bijzonder
-Imago = Het beeld dat de mensen hebben van een persoon

Moeilijke woorden:
-‘Peer group’ = Groep soortgenoten die veel invloed op je hebben

Essentiële begrippen:
-Massamedia
-Medemens en zijn sociale omgeving
-Levenswijze
-Zelfstandig wezen
-Onderscheiden

Organisaties:
-Jeugdraad voor de Vlaamse gemeenschap
-Dubbelpunt (Wouter Van Besien) van Chirojeugd Vlaanderen
-Klasse voor Jongeren
-Vlaamse Dienst Speelpleinwerk
-In Petto met vele jeugdadviseurs van Jongeren Advies Centra
-Virus
-Vlaamse Federatie van Jeugdhuizen en vele plaatselijke jeugdhuizen
-De gidsen/verkennersploeg van VVKSM

Synthese:
Jeugdcultuur en identiteitsopbouw
Identiteit gaat in zijn meest eenvoudige vorm terug op het gevoel en de uitspraak: ‘dat ben ik’. Identiteit moet je vaststellen, soms vastleggen. Je moet het zoeken, verwerven, verdedigen, je kunt het verliezen of ermee in crisis raken.
In een woordenboek lees je bij het woord ‘identiteit’: ‘volkomen overeenstemming’ of ‘eenheid van wezen’. Dit laat vermoeden dat het begrip identiteit zelf een verband veronderstelt tussen het verlangen van de mens te zijn wat hij wil zijn en het zijn zelf als uiterlijk waarneembaar en interpreteerbaar fenomeen. Je kunt eruit opmaken dat iedereen in wezen wil samenvallen met het beeld dat hij geprojecteerd ziet op het membraan van zijn verlangen.

1. Betekenis van identiteit bij volwassenen en jongeren
Wanneer het kind de overstap maakt naar de puberteit dringt zich de wezenlijke noodzaak op van een eigen identiteit. Het kind voelt zich gedwongen zijn eigenheid daadwerkelijk gestalte te geven, liefst op een originele manier. Het komt erop aan het verlangen te zijn wat ze willen zijn concrete vorm te geven. Volwassenen hebben voor zichzelf reeds een eigenheid opgebouwd. De adolescent daarentegen bevindt zich nog in de kritieke fase van het zoeken.
Dat resulteert doorgaans in een gevecht tussen het ideaal en wat realistisch haalbaar is. Wie te veel toegevingen doet ten opzichte van de hem omringende sociale en materiële omgeving, blijft namelijk levenslang geplaagd door een onvervuld verlangen naar een andere invulling van zijn concrete zijn. Dat gebeurt door uiterlijke tekens die (visueel) moeten bijdragen aan die eigenheid.
Bij jongeren ligt de nadruk aanvankelijk nog op het presenteren van zichzelf. Het accent ligt op het verlangen naar authenticiteit. De gabber bijvoorbeeld maakt duidelijk aan zijn ‘soortgenoten’ dat hij één van hen is. Men kan stellen dat de expressie van zijn eigenheid impressie tot doel heeft. De jongere wil sporen achterlaten bij wie hem ontmoeten.

2. Waarom willen wij zijn, wie wij denken te willen zijn…
Het hoofddoel van identiteit is zich te onderscheiden. Zoals gezegd wil de jongere zich in zijn bestaan presenteren als een zelfstandig wezen. Door zich een aantal authentieke, ‘onwijs gave’, elementen uit beschikbare culturele verscheidenheid eigen te maken wil de jongere participeren aan de cultuur. Met die eigenheid presenteert hij zich aan zijn medemens en zijn sociale omgeving. Jongeren gaan daarom op zoek naar waarden en normen, en uiterlijke tekenen, die overeen komen met hun smaak en die van hun vrienden. Een meisje kan zich een neusring laten plaatsen  om haar identiteit en onafhankelijkheid ten opzichte van thuis, de school en haar softies van medeleerlingen te laten gelden.
Identiteit wordt een baken met een duidelijke signaalfunctie. De jongere laat erkennen dat hij er is en dat hij uniek is. ‘mission accomplished’: de jongere hoeft zich niet langer voor te doen als iemand anders, hij of zij is nu werkelijk iemand, want zijn of haar omgeving heeft het nu ook bevestigd.
Het voordeel van de signaalfunctie van identiteit is in de eerste plaats dat je iemand snel en op basis van een beperkt aantal signalen kunt taxeren, plaatsen, identificeren. Uit de ontelbare lichamelijke en materiële signalen die uitgewisseld worden, probeert iedereen die signalen t detecteren die aansluiten bij wat hem aangenaam en vertrouwd is. In zekere zin ben je op zoek naar jezelf in de andere.

3. ‘Cool’ zijn in S&SIE!
De identiteit die de jongere nastreeft stelt hij echter niet samen op bases van een aantal uiterlijke kenmerken. Bij die opvoeders zijn, naast de ouders, de ‘peer group’ en de media van onschatbaar belang.
Natuurlijk zijn jongeren heel gevoelig voor uiterlijke tekens om zich te profileren. Die zorgen ervoor dat ze zich als individu onderscheiden van anderen en dat ze tegelijk ook aanleunen bij de groep waarmee ze hun levenswijze willen delen.

4. In het rijk van de ‘wannebe’s’ is de ‘ultratop 50’ de max!
Als het accent op het uiterlijke te sterk doorweegt wordt een imago opgebouwd dat niet gefundeerd is op een inhoudelijk onderbouwde levenswijze. De massamedia werken dat fenomeen van de ‘wannabe’s’ in de hand. Ze staan in voor de popularisering van cultuur en lifestyle. Wie zijn leven inricht op basis van de beelden die de media ophangen, gaat voorbij aan de echte waarden die deze cultuursymptomen vertegenwoordigen.

5. Jongerencultuur ingepakt
Het fenomeen jeugdcultuur kunnen we niet los zien van het commerciële aspect.

6. De strijd aan de basis: ‘stijlguerilla’
Juist omdat de zakenwereld en de media er op uit zijn om de zich steeds vernieuwende elementen uit de jeugdcultuur binnen te halen en te vertalen naar een groot publiek, zien de jongeren uit het epicentrum van die vernieuwing zich steeds gedwongen om hun stijl aan te passen. Dat in een poging om hun authenticiteit veilig te stellen.

7. Een identiteit voor de ‘global village’
Bij de uitbouw van een eigen identiteit speelden vroeger een aantal traditionele categorieën een cruciale rol. Mensen werden in hun identiteit bepaald door de geografische plaats waar ze geboren werden en opgroeiden. Dat bepaalde ook hun taal, hun manier van kleden, hun gebruiken en het geloof dat ze aanhingen. Veel toeristische trekpleisters worden nog altijd gepromoot op basis van een doorgaans achterhaalde uitvergroting van het verschil in culturele identiteit. Dat verschil maakte vooral vroeger deel uit van de eigenheid van een bepaalde plaats.

8. ‘Here I am: consume me’
Identiteit mag dan zuivere ernst zijn, het omgaan ermee lijkt meer en meer op een spel. Naarmate het uiterlijke, de gimmick terrein wint, spreken we over imago en ‘lifestyle’. Op het moment dat identiteit een mythe wordt en de kloof tussen het authentieke zijn en het zich manifesteren groter wordt, overstemt het imago de ware identiteit.
‘lifestyle’ is voor de hedendaagse jongere een poging om op zoek te gaan naar visuele tekens.
‘lifestyle’ vormt zo een hecht patroon van houdingen en gedragsvormen waarbij bepaalde attitudes horen die er de uiterlijke tekens van zijn. Het is juist aan die gedeelde ‘lifestyle’ dat jongeren het grootste deel van hun identiteit gaan ontlenen.
De verpakking, het imago neemt de taak over van de menselijke identiteit.
Dat imago moet een beeld scheppen: een uitvergrote projectie van ons verlangen om te zijn als onze idolen.

2. Powerpoint:

Tussen verlangen en Projectie

3. Juridische context:

prostitutie en pornografie bij het Verdrag inzake de rechten van het kind

4. Politieke context:

Senioren Actie Plan
-Inspraak voor senioren via het oprichten van een seniorenraad (als die er nog niet is), die uiteraard daadwerkelijk betrokken wordt bij het beleid en advies kan uitbrengen de beleidsmakers.
-Één coördinerende schepen voor het seniorenbeleid.
-Invoering van een “seniorentoets” voor beleidsbeslissingen
-Investeren in ruimte voor senioren en in de ondersteuning van het verenigingsleven voor senioren (oa ifv educatie).
-Een premiestelsel invoeren voor de aanpassing van woningen aan de behoeften van senioren.
-Promoten van kangoeroewonen en andere nieuwe woonvormen als meegroeihuizen en duplexwonen.
-Werken rond vereenzaming van senioren, minstens in kaart brengen van kwetsbare mensen ifv van bijzondere dienstverlening bijvoorbeeld bij hittegolf of strenge winter.
-De invoering van een mobiele ambtenaar om aan huis administratieve verplichtingen af te handelen.
-Aandacht voor senioren bij de inrichting van het openbaar domein, in het bijzonder ifv de mobiliteit voor zwakke weggebruikers.
-Aanstelling en opleiding van wijkagenten ifv de specifieke situatie van senioren.
-Samenbrengen van alle actoren die zich in de gemeente bezighouden met zorg en huisvesting voor senioren (vb OCMW, private VZW’s, commerciële partners) met oog op coördinatie ifv van een optimale dekking van al de behoeften tegen een betaalbare prijs; toekomstbeeld van woon- en zorgcentra die thuiszorg coördineren, serviceflats aanbieden, dag- en kortverblijven, rusthuisbedden en ten slotte RVT-bedden.

5. Besproken organisatie

Centrum Algemeen Welzijnswerk (CAW) Piramide
Het Centrum Algemeen Welzijnswerk of CAW Piramide biedt vanuit een pluralistische visie op mens en maatschappij opvang en begeleiding aan jongeren en volwassenen. Het CAW staat open voor alle mensen met vragen en problemen. Hierbij houdt het CAW de drempel bewust zo laag mogelijk. Want het CAW is er voor iedereen maar heel bijzonder voor mensen die meer kwetsbaar zijn wegens (kans)armoede, thuisloosheid, leeftijd, afkomst, scholing…

Elke hulpvrager mag rekenen op absolute discretie van de hulpverleners. Het CAW is een autonome welzijnsorganisatie en werkt onafhankelijk van justitie, de financiële bijstand, het onderwijs, de sociale zekerheid… De hulpverlening is vrijwillig, anoniem en vrij van externe controle of rapportage.
Ons aanbod begint met een laagdrempelig onthaal voor jongeren in het JAC en voor volwassenen in Centrum Overleie; dit onthaal is gratis. Belangrijk is te luisteren naar de vraag van eenieder en in spontaan overleg samen te kiezen voor een verder verloop van een mogelijke begeleiding, dit kan zowel residentieel als ambulant zijn, maar steeds op maat van de hulpvrager.
Dankzij een grote differentiatie van deelwerkingen en projecten proberen wij uiteindelijk het algemeen welzijn van onze doelgroep te bevorderen ; medeverantwoordelijkheid van de hulpvrager is voor ons zeer belangrijk.

Er wordt ook samengewerkt met andere gespecialiseerde diensten als de hulpverlening een therapeutisch karakter nodig heeft.
Het CAW steunt op drie pijlers:
1. Een professioneel onthaal
Iedereen met een probleem van materiële, psychologische, relationele of praktische aard kan terecht in het CAW. Het onthaal is altijd gratis en voor iedereen toegankelijk, zonder wachtlijst. In het onthaal zullen de hulpverleners de hulpvraag helpen ontrafelen. De verduidelijking van de vraag is immers vaak al een deel van de oplossing. Het CAW zoekt samen met de cliënt het meest haalbare antwoord op de hulpvraag.

2. Een psycho-sociale begeleiding op maat
Na het onthaal kan het CAW een residentiële of ambulante begeleiding starten op basis van een intake-gesprek. Het doel van de begeleiding is altijd de cliënt beter te laten functioneren in het dagelijkse leven. Het CAW start vanuit een brede kijk op de leefsituatie van de cliënt en heeft oog voor de samenhang tussen materiële, juridische, relationele, persoonlijke en psychische problemen. Elke begeleiding start in samenspraak met de cliënt, vanuit een positieve ingesteldheid en met respect voor zijn mogelijkheden en grenzen. De cliënt blijft zelf de touwtjes in handen houden en bepaalt zelf de doelstellingen en het tempo.

3.Voor een welzijnsgerichte samenleving
Het CAW wil ook problemen voorkomen zodat mensen minder (lang) beroep moeten doen op professionele hulp. Daarom ontwikkelt het CAW preventieve programma’s gericht op persoonlijke, relationele en sociale vaardigheden.
Het CAW verzamelt ook heel veel informatie over de factoren en mechanismen die die oorzaak zijn van onwelzijn en sociale uitsluiting. Het CAW signaleert deze gegevens en kaart structurele veranderingen aan.

6. Literatuurlijst

Krantenartikels
"Smaaksturing pakt ondervoeding bij senioren aan"
13/11/09 ::Het Laatste Nieuws

"Vlaams Belang lanceert campagne rond veilig ouder worden"
03/12/09 ::Het Laatste Nieuws

"Alcohol zorgt voor betere mobiliteit bij ouderen"
30/10/09 ::Het Laatste Nieuws

"Intelligent huis laat bejaarden langer zelfstandig wonen"
19/11/09 ::Het Laatste Nieuws

"Hervormingsplan gehandicaptenbeleid tegen 2011"
17/11/09 ::Het Laatste Nieuws

Tijdschriften
BOSMA, M. Verwaterde campussen: moeilijkste jongeren worden nauwelijks bereikt Jeugd en Co, 22-23. 2009

KLOOSTERBOER, J., BAKKER, M. Geweld ervaren kan leiden tot geweld plegen: gevolgen van huiselijk geweld Jeugd en Co, 27-35. 2009

Boeken
Mullem, P. v. (1999). De leefwereld van jongeren Veer10 Acht10. Leuven-Apeldoorn: Garant.

Keep-Lips, M. v. (1994). Gelukkig ouder worden, een uitdaging! Nijkerk: uitgeverij Intro.

Eindwerken
Creatief met seniorendans : een smeltkroes van stijlen in woord en beeld

Zingeving en depressie: een correlatief onderzoek bij senioren

Betrokkenheid van senioren bij het buurtwerk

7. Grafieken
Zie bij Grafieken Kim op de wiki.

8.Persoonlijk besluit

Ik vond het wel een leuke opdracht om samen met een groep een wiki te creëren. Ik had er nog nooit van gehoord, dus het was iets compleet nieuw. In het begin had ik geen overzicht van wat precies de bedoeling was van het maken van een wiki en hoe we daar een mooi eindontwerp konden van maken. Ik had moeilijkheden met de verschillende codes om een duidelijke lay-out te verkrijgen op een pagina. Gelukkig hielpen de groepsleden en kreeg ik het wat onder de knie. Maar zonder die hulp zou ik bepaalde codes niet gevonden hebben.
Ik vind dat ons eindresultaat er wel mag zijn. Het is overzichtelijk en mooi geïllustreerd.

Unless otherwise stated, the content of this page is licensed under Creative Commons Attribution-ShareAlike 3.0 License